‘We zijn echt teruggekomen uit de hel’

Naam
Henk van der Linden
Missie
Operatie Provide Care (Zaïre)

Ruim 30 jaar na het tekenen van zijn beroepscontract ging Henk voor het eerst op missie. Als vrijwilliger was hij onderdeel van de humanitaire missie in Zaïre. Daar moesten ze de eerste nood verlichten en artsen ondersteunen. Het werd uiteindelijk een ervaring die hem de rest van z’n leven bij zou blijven. De doden, de barre omstandigheden en de chaos staan nog op z’n netvlies gebrand.

‘In 1962 kwam ik als dienstplichtige bij de Landmacht terecht. Dit beviel mij zo goed dat ik besloot om een beroepscontract te tekenen. Later ging ik werken voor de luchtmacht en werd ik in Duitsland als bergingschauffeur geplaatst. Ik zat op zo’n grote kraan die werd ingezet bij ongevallen en voor het laden van pakketten. Ik was daar heel goed in. Mijn baas heeft zelfs mijn bevordering geblokkeerd, omdat hij mij niet kwijt wilde.’

Overal zagen we lijken

‘Jaren later, in 1994, was het tijd voor mijn eerste missie. Ik had mijzelf als vrijwilliger opgegeven om deel te nemen aan de humanitaire missie in Zaïre. Ze hadden chauffeurs nodig. Het zou voor een korte tijd zijn en allemaal wel meevallen. We zouden in vier weken opgewerkt worden, maar binnen twee dagen zaten we in het vliegtuig naar Zaïre. Daar voltrok zich een humanitaire ramp door de strijd tussen de Hutu’s en de Tutsi’s in Rwanda. Daardoor ontstond er een enorme vluchtelingenstroom. Het was aan ons om de eerste nood te verlichten en Artsen Zonder Grenzen te ondersteunen. We waren slecht voorbereid, laat staan speciaal opgeleid om in die primitieve omstandigheden te opereren. We waren nauwelijks bewapend en onze status was onduidelijk.’

‘Toen we uit het vliegtuig stapten hoorden we direct schoten. De rebellen waren op elkaar aan het schieten. Overal zagen we lijken. Op de vliegtuigbaan. Langs de route naar onze compound. En zelfs drijvend in het water bij ons kamp. Dat lag in de tuin van Hotel Karibu aan de paradijselijke groene oevers van het Kivumeer. Daar werden de lijken aangevoerd door de rivier vanuit Rwanda. Ik dacht: Waar ben ik nou terechtgekomen? Er werden al vrij snel een paar mensen weggestuurd. Die konden het niet aan.’

‘We verbleven in Goma, een plaats op de grens van Zaïre en Rwanda. Daar zorgden we onder meer voor transport naar de vluchtelingenkampen. Het was ongelofelijk. Zover ik kon kijken zag ik tentjes vol vluchtelingen. Uiteindelijk ging het om 200.000 vluchtelingen, waarvan velen stierven door uitputting en ziekte. Als we met twee man uitstapten stonden ze al klaar, vaak met messen in de hand om te bedelen om een biscuit of iets anders. Dan moest je echt iets geven, anders lieten ze niet gaan. Die dreiging was elke dag aanwezig in het kamp. Ik probeerde gewoon te werken en daarna genoeg te slapen. Wel met een pistool naast m’n bed.’

Toen werden we ontwapend en gegijzeld

‘Ik heb daar zoveel verschrikkingen van dichtbij gezien. In de hospitaaltenten veldbedjes waar wel vijf of zes kinderen op liggen die allemaal stervende zijn. Ze lagen in hun eigen ontlasting, die zo dun was als water en vaak nog vermengd met bloed. Hoe iemand uit de auto werd gesleurd en opgehangen. Of hoe een ander zonder ogenschijnlijke aanleiding werd onthoofd. Een van de mensen die mee was op die missie zei het heel treffend: “We waren bij de Duivel in Afrika.” En zo is het. We zijn echt teruggekomen uit de hel.’

‘Ik moest ook water en medicijnen vervoeren op lange transporten. Tijdens een van deze ritten werden ik en mijn collega’s gegijzeld. We werden aan een grenspost gecontroleerd door Zaïrese militairen. Doordat we zonder mandaat waren gestuurd hadden we geen officiële papieren. Toen werden we ontwapend en gegijzeld. Ze hielden ons onder schot en we konden nergens naartoe. Uiteindelijk zijn we na vier dagen vrijgekocht door een hulporganisatie en vrijgelaten.’

‘Alles blijft mij bij. Die hele ellende. Je kan je het niet voorstellen. We hebben die mensen laten stikken door het niet af te maken. Onze hulp was uiteindelijk een druppel op de hete plaat. Als gevolg hiervan heb ik PTSS opgelopen en veel last van herbelevingen. Dat komt bijvoorbeeld door die onthoofdingen met ISIS. Dan komt alles terug. Ik ben wel blij dat die missie nu een veteranenstatus heeft. Heel lang was dat niet het geval. Daar heb ik mij hard voor gemaakt en dat is uiteindelijk gelukt. Die erkenning en waardering is heel belangrijk voor ons allemaal.’

Een deel van de gebruikte foto’s komt uit Collectie Nederlands Instituut voor Militaire Historie.