‘Mijn overgrootvader is de reden dat ik bij defensie ben gegaan’

Latoya Hallatu mocht eigenlijk niet bij defensie. Haar overgrootvader overleed op gruwelijke wijze als KNIL-militair in de strijd tegen de Japanners. Door deze pijnlijke gebeurtenis wilde haar familie liever niet dat zij zelf bij defensie ging. Er is toen namelijk door de familie een belofte uitgesproken dat geen van de nazaten ooit nog bij defensie zou gaan werken. Maar Latoya is een strijder. Ze gaf niet op en wist de toestemming van haar dorpshoofd en familie te verkrijgen. Ze maakte haar droom waar en trad toe tot defensie. Als luchtmacht soldaat werd ze naar Uruzgan en Mali uitgezonden.

Latoya’s familie en haar Molukse wortels zijn een belangrijk onderdeel van haar leven. ‘Mijn overgrootvader is de reden dat ik bij defensie ben gegaan. Voor mijn uitzending heb ik het graf van mijn overgrootvader in Cimahi, Indonesië bezocht. Ik wilde laten weten dat ik weg zou gaan. Ik heb mijn militaire ketting daar achtergelaten. Zo kon ik hem laten weten dat ik de volgende generatie was, die in zijn voetstappen trad. Na mijnuitzending vloog ik naar mijn familie op de Molukken en schonk een deel van mijn salaris aan hen als teken van dankbaarheid.’

Latoya is voorzitter van ‘Molukkers bij de Krijgsmacht’. Via die organisatie wil ze eer betonen aan de eerste generatie. Dit doet de Stichting bijvoorbeeld door kransen bij nationale herdenkingen te leggen, zoals bijvoorbeeld bij het Indisch monument in Den Haag. Ook wil ze de geschiedenis van de eerste generatie Molukse militairen uit het voormalig Nederlands-Indië en de algemene Molukse geschiedenis voor de toekomstige generaties behouden: ‘Het is zo belangrijk dat we de eerdere strijders herdenken.’

Tijdens haar uitzending in Afghanistan was ze gestationeerd bij de bestelpost. ‘Ik was een spin in het web. Als logistiek medewerker was ik een echte regelaar. Maar ik vond het ook leuk om te socializen. Zo was ik bijvoorbeeld benieuwd naar hoe de Amerikanen bepaalde dingen aanpakten, daar knoopte ik dan een gesprek over aan. Mijn ervaringen bij defensie waren prettig. De sfeer en het team waren leuk. Maar ik heb ook heftige dingen meegemaakt. Zo vond er in een van mijn eerste weken een raketaanval op de Amerikaanse basis plaats. Het klonk als hard vuurwerk. Ik handelde meteen, we moesten twee minuten platliggen. Tegelijkertijd begon ik te bidden aan God of Hij mij extra kracht kon geven om dit te overleven. Ook raakte ik bevriend met twee Australische soldaten. Zij werden gedood in een aanval en kwamen in zakken terug.’

Deze gebeurtenissen hebben veel impact op me gemaakt. De feestdagen zijn geen feestdagen meer. Als ik nu met oud en nieuw vuurwerk hoor, dan ga ik in mijn hoofd gelijk terug naar Uruzgan. Het maakt me emotioneel. Acht jaar bij defensie heeft me laten groeien. Ik praat nu makkelijker over de heftige gebeurtenissen. Dit heeft me gemaakt tot wie ik ben.’

Ondanks de heftige ervaringen, lonkt defensie nog steeds. In 2015 trad ze wegens een reorganisatie uit dienst. Van juni 2019 tot juni 2020 keerde ze tijdelijk terug als burger op een militaire functie. ‘Ik mis het uniform en de kameraadschap. Daarom wil ik herintreden bij defensie. Ik train nu hard. Boksen, dansen; alles om straks de fitheidstraining te halen.’ Dit jaar tijdens Veteranendag is Latoya aanwezig bij de ceremonie in de Koninklijke Schouwburg. Daarnaast heeft Latoya samen met drie andere veteranen een rol in de TV-reclame voor de aankondiging van Veteranendag. ‘Ik vind het belangrijk dat we erkenning krijgen. We hebben onze taak gedaan. Ik ben trots op het feit dat ik een veteraan ben en dat ik als Molukse vrouw voor defensie heb gediend. Ik draag een anjer voor alle veteranen. Maar het grootste respect is voor mijn overgrootvader en aan alle andere KNIL-militairen.’