Terug naar het overzicht

Mee Op Missie met Boris Vos: "Kracht is geen recht. Kracht is een verantwoordelijkheid."

Boris Vos diende meer dan twintig jaar als marinier en werd uitgezonden naar Sarajevo, Albanië, Irak, Afghanistan en Somalië. Na zijn diensttijd ruilde hij zijn uniform in voor de Afrikaanse natuur, waar hij nu ranger-organisaties traint in hun strijd tegen stroperij. Want wie kracht heeft, zegt hij, draagt ook de verantwoordelijkheid om die te gebruiken voor wie zichzelf niet kan beschermen.

Boris Vos was net van school toen hij voor het eerst werd uitgezonden, als dienstplichtig militair naar Sarajevo. Dat heeft een enorme indruk op hem gemaakt: “Geen idee wat er speelt in de wereld. En dan dát meemaken.” Het is de uitzending die hem het meest heeft gevormd, ook al volgden er nog vele: naar Albanië, Irak, Afghanistan, voor de kust van Somalië. Maar die eerste keer had de grootste impact, vanwege het verschil tussen de jonge Boris, net van school, en de jongen die na meer dan een half jaar terugkwam uit de belegerde stad:

 

‘Je ziet gewoon alle kanten van de menselijkheid. Al het extreem goede. Maar je ziet ook het extreem slechte.’
Boris tijdens een training

Sniper, tracker en Jungle Warfare Instructuer

Na terugkomst uit Sarajevo begon hij aan de mariniersopleiding. Daar ontdekte hij al snel dat er best veel op het water gedaan werd, wat niet bepaald zijn voorkeur had. “Ik was niet zo van het water en de bootjes,” zegt hij droog, “dus elke kans die ik had om iets op land te doen, heb ik aangepakt.” Zo werd hij sluipschutter. De combinatie van tactieken vond hij fantastisch, en hij genoot van het buiten zijn, de techniek van het schieten, de lange afstand. Vanuit die rol groeide hij door naar instructeur, en later naar een specialisme dat hem nog meer fascineerde: combat tracking.

Combat tracking is het lezen en interpreteren van sporen van mensen. “Dan ben je in de natuur, je bent heel erg met details bezig, met veranderingen.” Hij lette op de sporen op de grond, maar ook op de dieren eromheen, op hoe die reageren op de mensen in de buurt. Hij maakte het compleet met een opleiding to Jungle Warfare Instructeur, die hem naar de jungles van Zuidoost Azië, Zuid-Amerika en Afrika bracht. Hij lacht als hij eraan terugdenkt: “En als je dan ook nog een keer in de jungle mag rondlopen, ja, waanzinnig.”

 

Boris en collega-mariniers in Afghanistan

Eén dode olifant

Toen Boris na een uitzending voor de kust van Somalië Boris naar Kenia trok om stoom af te blazen, veranderde er wat. Ze gingen op safari in Tsavo, een ecosysteem bijna zo groot als Nederland, met honderden olifanten in hun natuurlijke omgeving.

In Tsavo East, één van de nationale parken, zag hij een olifant die net was gestroopt. De slagtanden waren verwijderd, het dier was dood. Een paar rangers stonden klaar om achter de stropers aan te gaan, richting de Somalische grens. Boris stond naast het dier en voelde iets schuiven. “Die tegenstelling. Ze zien in hun natuurlijke omgeving, en nu doodgemaakt voor een paar rotcenten.” Dat is blijven hangen: “Dat plantte echt wel een zaadje.”

Rangers naast een olifant

Hij is op dat moment nog actief dienend. Het zaadje krijgt twee jaar de tijd om te groeien, tot hij op een punt komt waarop hij niet langer kan doen alsof hij het niet voelt. “Het voelde als de makkelijkste weg, om dat gevoel te volgen”, zegt hij. 

‘"Want het voelde niet als een sprong in het diepe. Het was waar mijn hart heen ging."’

120 organisaties, 34 landen

Hij weet dan nog nauwelijks iets van natuurbescherming. “Ik heb één dode olifant gezien. Ik snap het probleem helemaal niet.” Dus bood hij zich aan bij allerlei organisaties. Dit is mijn achtergrond, zei hij. Ik kan trainingen geven en opleidingen verzorgen, ik kan ondersteunen. Maakt niet uit. Langzaam wordt hem duidelijker waar zijn achtergrond het meeste verschil kan maken: bij de mensen die het werk doen, de rangers die dag en nacht in het veld zijn, die daar vandaan komen. Door organisaties te trainen en sterker te maken om beter te worden in het beschermen van de natuur.

Samen met Stani Groeneweg (oud-Luchtmobiele Brigade) traint Boris rangers

Nu woont hij al een jaar of tien in Kenia. “In de tien jaar hebben we er een stuk of 120 organisaties ondersteund in 34 landen.” Hij geeft een voorbeeld van een vrouw die ze succesvol hebben getraind. “Ze was een van de eerste rangers bij ons in de opleiding. En nu, acht jaar later, is zij hoofd training voor een groep van 180 rangers. En ze doet dat fantastisch.” Dat is het model, legt hij uit. Ze willen geen afhankelijkheid creëren, maar mensen opleiden totdat ze het zelf kunnen. “We willen voldoende instructeurs opleiden dat wij niet meer nodig zijn.”

Leren van bavianen

Toen Boris werd gevraagd een rol te spelen op Veteranendag, twijfelde hij. “Het is een hele eer, maar het is ook een verantwoordelijkheid. Want mensen kijken nu naar míj́n kop, als een van de veteranen.” Hij voelde de noodzaak om zichzelf eerlijk af te vragen: ben ik de juiste persoon hiervoor? Wat heb ik gedaan, en wat heeft dat voor anderen betekend?

Boris en Kizito, één van zijn senior instructeurs, aan het werk in Zuid-Afrika.

Die vragen zijn ook belangrijk in zijn werk in Kenia. Wat hem al die jaren heeft gedreven, leerde hij door een groep bavianen te observeren: hoe een groep zich tot elkaar verhoudt, wie de leiding neemt, wie er beschermd wordt, en wat er gebeurt als niemand die verantwoordelijkheid op zich neemt. Dan vult de sterkste het vacuum. “Dat zie je op een schoolplein, in de samenleving, en ook in de natuur.” De negatieve gevolgen van dat proces zijn waar Boris zich graag tegen verzet: tegen de mensen die misbruik maken van een positie van macht om anderen hun vrijheid te ontnemen.

‘ "Kracht is geen recht. Kracht is een verantwoordelijkheid. Je staat er niet om te domineren. Je staat er om escalatie te voorkomen. Om ruimte te maken voor wie zichzelf niet kan beschermen."’
Boris voor de opnames van Mee Op Missie