verhalen

Het verhaal van Junny Brejita: “Als je thuiskomt, besef je dat je het doelwit was”

De tienjarige Junny Brejita fietste dagelijks langs de kazerne  op Curaçao en wist gelijk: ‘ooit ga ik daar werken.’ Na zijn opleiding en dienstplicht op het eiland vertrok hij op zijn twintigste naar Nederland, waar hij zich naar binnen werkte bij het Korps Mariniers. Zijn tijd bij Defensie was veelbewogen; van rijdend doelwit in Irak tot racisme in Nederland. ‘Maar dit werk zit in mijn bloed. Ik heb iets in mijn bagage wat niemand mij kan afpakken.’

Junny werd geboren op Curaçao en raakte als jongetje in de ban van een droom: militair worden. ‘Als ik het nu bekijk, past het perfect bij mij: discipline, doorzettingsvermogen, karakter hebben, zelfservice, loyaal zijn en fysieke training. Terwijl ik als kind gewoon gefascineerd werd door het uniform.’ Op zijn eenentwintigste startte hij zijn drie maanden durende opleiding en trad toe tot de Antilliaanse Militie. ‘Ik was toen al fit, maar het was toch een bijzondere uitdaging. Alles wat ze je leren is waardevol.’

Op Curaçao liepen Junny en zijn andere Curaçaose collega’s mee met de Nederlandse Mariniers. De houding van de Nederlanders wakkerde een vuurtje in hem aan. ‘Zij hadden altijd een beetje een attitude van: ‘wij zijn beter.’ Ik zocht altijd naar een reden voor dit gedrag. Het maakte me nieuwsgierig naar het Korps Mariniers in Nederland.’ Zo besloot Junny op zijn twintigste een formulier in te vullen en de loodzware uitdaging in Nederland aan te gaan. ‘Er is mij iets gelukt wat duizenden anderen ook hadden gewild. Ik was meteen bereid te beginnen.’

Junny Brejita tijdens zijn missie in Irak (2003).

Tijdens de opleiding bij het Korps Mariniers leerde Junny gelijk alle kanten van kameraadschap kennen. Een van zijn ‘brothers’ – zo noemt Junny mensen waarmee hij goed kan werken -, Isidora, pleegde zelfmoord tijdens de opleiding. In de podcast Mee Op Missie vertelt hij hierover. ‘Isidora vond het erg zwaar en zei dat hij terugging naar Curaçao om over te stappen naar de Marine. Een dag later hoorde ik dat hij zelfmoord had gepleegd. Ik ben meegegaan om hem terug te brengen naar zijn familie in Curaçao. Zij barstten in tranen uit, omdat ik als zijn buddy mee was. Hij heeft me veel kracht gegeven. Ik ben voor hem doorgegaan met de opleiding.’

Na zijn opleiding vertrok Junny al snel op missie naar Irak. Hij meldde zich vrijwillig aan als chauffeur. ‘Al snel kregen we te horen dat er veel konvooien waren opgeblazen buiten de poorten. Elke keer als ik naar buiten reed, wist ik dat er 90% kans was dat er iets ging gebeuren. Het gaf me veel stress. Elke keer dacht ik: ‘wanneer is mijn lot?’’ 

De missie bracht Junny toch ook veel mooie dingen. ‘Het is een goede ervaring, omdat je ziet hoe slecht mensen het kunnen hebben. Zij zitten daar in een regime van onderdrukking, terwijl wij klagen over kleine dingen.’ Zelfs in het oorlogsgebied deed hij ervaringen op die hem gelukkig stemden. ‘Ik had de gelegenheid om bij de muur van Babylon te komen, voor mij was dat geweldig. Ik ben gelovig, dus dat was mij veel waard. Ik heb iets in mijn bagage wat niemand mij nog kan afpakken.’

Het kamp waar Junny verbleef op missie in Irak.

Junny heeft nog lang last gehad van de stress die hij ervoer op missie. ‘Ik heb 10 jaren gestruggeld met slapeloosheid en agressie. Ik was jong en kwam in een situatie die niet te overzien was. Als je dan thuiskomt, besef je dat je doelwit was.’ Inmiddels heeft hij dit een plek kunnen geven. ‘Ik ben bij een psycholoog geweest. Mijn lichaam kon niet rusten en ik bleef maar werken. Ieder lichaam heeft rust nodig. Nu weet ik hoe ik mezelf niet gek moet laten maken. Het kan altijd terugkomen, maar het is onder controle.’

‘Het gaat mij om de discipline, verbondenheid en het doorzettingsvermogen.’
Junny Brejita

Sinds Junny terug is van uitzending, is hij steeds meer gaan reflecteren op zijn tijd bij Defensie. Zo stuitte hij op misstanden binnen de organisatie die hem aan het hart gaan. ‘We hadden briefing van een luitenant en kolonel. De enige gasten die moesten opruimen waren de mannen van kleur. Dan vroeg ik aan kameraden: ‘Wat gebeurt hier?’ Ik moest het altijd laten gaan van ze, maar je merkt dat je dat niet zomaar aan je voorbij laat gaan. Het is al een stuk beter ten opzichte van 1997, maar dit soort dingen gebeuren bij Defensie. En toch zit ik er nog steeds. Het zit in mijn bloed en DNA. Het gaat mij om de discipline, verbondenheid en het doorzettingsvermogen.’

‘Het is gewoon een feit dat we racisme en discriminatie niet uit de wereld krijgen. Daarom focus ik me op mensen die goed voor me zijn. Iedereen is mijn ‘brother’, niet alleen zwarte mensen, het maakt niet uit wie je bent. Als ik goed met je kan werken en we respect hebben voor elkaar, dan ben je mijn ‘brother’.’

Junny met Marcel Veenendaal (DI-RECT) tijdens de Nederlandse Veteranendag in 2021.

Junny kijkt enorm voldaan terug op zijn carrière tot nu toe, zowel bij Defensie als daarbuiten. ‘Ik wilde altijd bij het Korps Mariniers, ik wilde medailles winnen, nationaal en Europees kampioen BMX worden, een huis kopen op Curacao en van sport mijn beroep maken. Ik heb alles behaald met de lessen van de Marine.’

Zijn laatste grote succes behaalde Junny in zijn werk als personal trainer. ‘Elf jaar geleden kwam een vriend naar me toe, die zei: ‘Je bent een Ferrari, maar je rijdt in de bebouwde kom.’ Je moet personal trainer worden.’ Ik heb er een nacht over nagedacht en ben het toen gelijk gaan doen. In 2019 werd ik de beste personal trainer van de gemeente Utrecht. Elf jaar geleden dacht ik: durf te springen, zonder parachute. En kijk waar ik nu sta. Je moet niet bang zijn om te zijn wie je wil zijn.’