verhalen

In de ogen van: Rob Godijn & Henry van der Linden

Met de portretserie ‘In de ogen van’ kijken we in de ogen van veteranen van verschillende generaties en van uiteenlopende uitzendingen. Ze delen hun kijk op het veteraan zijn, hun uitzending en het leven daarna. In dit deel kijken we in de ogen van Libanon-veteraan Rob Godijn en voormalig Joegoslavië-veteraan Henry van der Linden.

Fotografie door Joni Israeli op Nederlandse Veteranendag 2024.

‘Het zijn je broeders voor het leven’
Rob Godijn

‘Op 6 juni 1982 stond ik op de wacht toen Israël Libanon binnenviel. Ik zat toen vier maanden in Libanon om de vrijheid te bewaken met wachtdiensten en patrouilles. Na de invasie waren er veel dingen veranderd. Wij mochten verder niks doen.’

Op Rob Godijn maakte zijn uitzending naar Libanon veel indruk. ‘Jij bent daar, Israël valt binnen en je mag niks doen. Je hebt als Verenigde Naties geen wapens om daar strijdbaar tegenin te gaan. Vanuit de Verenigde Naties werd besloten dat we alles moesten laten gaan zoals het was.’ 

Toch kijkt Rob er met veel plezier en ‘aparte gedachten’ op terug, ‘zoals menig veteraan’. ‘Op Veteranendag voel ik verbroedering met iedereen. Je doet een missie met elkaar en staat samen sterk. Die verbinding is uniek. Het zijn je broeders voor het leven.’

‘Veteranendag geeft me een trots gevoel’
Henry van der Linden

Henry van der Linden werd in 1992 en 1993 uitgezonden naar Joegoslavië om de Missie Kalshoven te volbrengen, een missie waarover het publiek weinig weet. ‘Wij moesten massagraven graven bij Dakovo. We werden ook heel veel beschoten. Voor onze eenheid was dat heel zwaar. Heel veel kameraden hebben PTSS opgelopen en diversen hebben zelfmoord gepleegd.’

Dat Henry op Veteranendag aanwezig is, is dan ook heel bijzonder. ‘Het geeft me een trots gevoel om hier te zijn. Ook al is er niemand van mijn missie, het is een gevoel van saamhorigheid. Wij waren een speciale missie. Als je iets over onze missie vraagt, is dat vaak niet bekend. Daarin worden wij niet erkend, maar toch ben ik trots dat ik het heb gedaan.”