Vandaag is het 5 mei, de dag waarop Nederland rood-wit-blauw kleurt en we onze vrijheid vieren. Gister, op 4 mei, stond ik drie uur lang in de Erehaag op de Dam in Amsterdam en dacht ik aan Jos.

’s Ochtends speelde ik nog met mijn zoontje en realiseerde ik mij hoe gelukkig we ons mogen prijzen dat hij in een veilige omgeving opgroeit. Het is goed om daar af en toe bij stil te staan, en zeker op een dag als 4 mei. Die middag verzamelde we in het Marine Etablissement vlakbij de Dam. Het was mooi om ons daar samen voor te bereiden; veteranen, jong en oud. Na de nodige tenue-inspecties aten we samen de befaamde nasi maaltijd van de Marine.

Vanaf het Damrak zijn we naar het Monument gemarcheerd en daar werden we opgelijnd. En dat alles volgens militaire precisie: exact 1.92 m van het monument af. Wat was het bijzonder om alle genodigden langs ons, de erehaag, te zien lopen. Om vijf voor acht klonk het signaal ‘geef acht’. De koningin stond op drie meter afstand naast mij. Met het trompetsignaal werd de twee minuten stilte ingeluid.

Ik dacht aan Jos en aan alle andere collega’s die tijdens de missie in Uruzgan zijn gesneuveld. Twee minuten totale stilte in een stad waar het altijd druk is, is een bijzondere ervaring. Ineens was ik onderdeel van een ceremonie die ik eerder altijd op tv zag. Wat een mooi gevoel dat héél Nederland op dat moment stil staat bij al haar oorlogsslachtoffers. Niet alleen die van de Tweede Wereldoorlog, maar ook jongens zoals Jos. Op deze manier zullen zij nooit vergeten worden.

Meer verhalen