verhalen

“Aan de bar werkte ik harder dan op kantoor”

“Als burger werd ik in tien weken tijd, met andere specialisten, opgeleid tot officier. Het is belangrijk om de gebruiken binnen Defensie te leren kennen als je als officier in het leger gaat werken. De beste manier om dit te leren is door te doen. Ik vond die periode heel spannend. Ik leerde schieten, torens beklimmen, slaap plekken maken in de bossen en nog veel meer. Ik was altijd gewend om alleen met mijn hoofd te werken. Nu moest ik opeens veel fysieke dingen doen.

Ik heb veel van die korte opleiding geleerd. Ik leerde wat het is om ’s nachts in onzekerheid te gaan slapen niet wetende of er ‘alarm’ geslagen zou worden, om te vertrouwen op je buddy en om over je grenzen heen te gaan. Ik dacht steeds dat ik een oefening niet zou halen en toch haalde ik het. Ik kwam wel als laatste over de streep, maar ik haalde het wel! Voor mijn gevoel bracht die opleiding me dichter bij de andere militairen. In mijn latere werk als militair psycholoog had ik daar veel profijt van.

Nu werk ik als psychotherapeut bij RoderSana, een gespecialiseerde verslavingskliniek in Oirschot. Daar spreek ik vooral veteranen die kampen met een trauma, stresservaring en altijd een verslaving. Veel veteranen die ik spreek hebben het heel zwaar. Naast hun PTSS worstelen zij met een verslaving, zoals ongeveer 70% van de mensen met de diagnose PTSS. Velen van hen verlangen naar erkenning van hun familie, van defensie en van de maatschappij. Dat krijgen zij lang niet allemaal. Op mijn werk hoor ik natuurlijk de meest heftige verhalen. Iemand met een PTSS is zijn illusies kwijt. Diegene is het geloof in een veilige omgeving kwijt. Het gevaar kan voor hen overal vandaan komen. Een PTSS is altijd het gevolg van een traumatische gebeurtenis.

Ik vind dat het aan een ander is om te oordelen wie wel en wie niet een ‘echte’ veteraan is. Het woord “veteraan” is voor mij een eretitel. Veteranen zijn mannen en vrouwen die met een opdracht vanuit Nederland op missie gaan. Door mijn missie in Bosnië ben ik als psychologe ook veteraan. Soms voel ik mij bezwaard om dit woord te gebruiken, alsof ik daar geen recht op heb. Als enige psychologe ging ik in 2003 met 1200 Nederlandse militairen mee. Ik kon niet wachten om op missie te gaan. Mijn missie in Bosnië was de meest gelukkige periode van mijn leven. Mensen konden altijd bij mij terecht. Eigenlijk was ik 24 uur per dag psycholoog. Ook in de bar konden militairen me aanspreken. Op die avonden werkte ik soms harder dan overdag op kantoor.

Halverwege de missie mochten we twee dagen op R&R (rust.) Ik ging naar Split om te canoeingen. Ik dacht terug aan mijn opleiding tot kapitein. Als ik dat kon dan kan ik ook canoeing, dacht ik. Het einde van de tocht was een sprong van een 14 meter hoge rots. Dat ging mis. Ik kwam plat op het water terecht en brak mijn rug. Ik durfde te springen, maar achteraf had ik toch moeten luisteren naar de voorzichtige Annemarie. Ik heb mijn missie nooit af kunnen maken. Ik had het gevoel dat ik iedereen in de steek liet. Na jaren van revalidatie gaf ik aan weer op uitzending te willen gaan. Ik wilde een keer een uitzending afmaken. Maar bij de militaire keuring werd ik afgekeurd. Ik kon niet nog een keer op missie. Nu behandel ik als psychotherapeut veel veteranen. Dat doe ik weer alleen met mijn hoofd en dat voelt goed. Ik vind het een mooi beroep en ik zou het zonde vinden om alle kennis die ik van het leger heb niet meer te gebruiken”.

Annemarie de Vries woont tegenwoordig in Brabant. Annemarie is getrouwd en ze heeft twee kinderen. Ze werkt als Hoofdbehandelaar psychotherapeut bij verslavingszorginstelling Rodersana in Oirschot.”