Jon Bluming
(Korea, 1950)
'Het is een vergeten oorlog'
Dat er ook Nederlanders hebben gevochten in Korea, weten veel mensen helemaal niet. Korea (Oost-Azië) werd na de Tweede Wereldoorlog opgesplitst in twee delen: het communistisch Noord-Korea en het op het westen georiënteerde Zuid-Korea. In 1950 probeerde Noord-Korea het land via een verrassingsaanval op het Zuiden te herenigen. Om te voorkomen dat het communisme zich verder uitbreidde, stuurden de Amerikanen troepen om Zuid-Korea te helpen en wisten de Verenigde Naties achter zich te krijgen. Het was de eerste VN-missie waaraan Nederland deelnam.
De nu 71-jarige Jon Bluming meldde zich in 1950 vrijwillig voor de missie in Korea. 'Ik wist niet waar het lag, kon het niet eens spellen. Ik wist alleen dat daar communisten zaten, die zouden daar hetzelfde doen als de Duitsers hier hadden gedaan. Ik was zeventien en vond het tijd dat ik daar wat tegen ging doen. Gewoon uit idealisme, net als een groot deel van de groep. Bovendien wilde ik weg uit de sleur. Het avontuur trok me', herinnert Bluming zich. 'Maar de lol was er snel af. Als je 's nachts in een schuttersput zit bij minstens 25 graden onder nul, sterft van de kou, barst van de honger en bijna omvalt van de slaap, dan vraag je je wel af wat je daar doet.' Dat gold zeker na een aanval in de nacht van 12 februari 1951, waarbij 17 doden en 37 gewonden vielen.
Bij latere gevechten werd Bluming getroffen door twee kogels, waarna hij naar het ziekenhuis moest. 'Ik heb daar zeven weken rondgezworven. Niet omdat ik zo zwaargewond was, maar ik was zeventien, ze vonden het beter om mij nog even daar te houden. Terwijl ik daar door de gangen liep, zag ik mensen met armen en benen eraf en de meest afschuwelijke verwondingen. Dan weet je wat er kan gebeuren.' Later raakte Bluming nog een keer gewond, dit keer door granaatscherven in zijn rechterenkel.
Na een korte terugkeer naar Nederland, besloot Bluming in de zomer van 1952 opnieuw naar Korea te gaan Hij hoopte zo genoeg geld te verdienen om met zijn verlofde te kunnen trouwen. 'Er was inmiddels een bestand, als bezettingstroepen zouden we dus niet hoeven te vechten.' Maar onderweg meldde de radio dat alle besprekingen waren afgebroken en dat de oorlog weer in alle hevigheid was losgebarsten. 'Toen heb ik gehuild. Ik was zo kwaad op mezelf, nu zat ik er weer middenin.' Bluming raakte voor de derde keer gewond, dit keer door een scherf achter zijn linkerknie. De dag vóór de wapenstilstand van 27 juli 1953, vielen binnen zijn groep vijf doden, verschillende gewonden en werden twee man krijgsgevangen gemaakt.
Drie maanden later was Bluming terug in Nederland. Hij merkte dat de mensen thuis geen idee hadden van de situatie in Korea. Er was dan ook weinig aandacht voor de Koreagangers. 'Uitzondering was prins Bernhard. Hij stond wèl klaar om ons te verwelkomen. Wij zijn hem daar nog steeds dankbaar voor.' Bluming, die na zijn Koreatijd een lange en indrukwekkende vechtsportcarrière op wist te bouwen, vindt het dan ook een eer om tijdens de verjaardag van de prins op te treden als diens 'lijfwacht'.
'Eigenlijk is Korea een vergeten oorlog. De jeugd weet niet eens dat we daar hebben gevochten, laat staan waarom.' Dat komt volgens hem omdat er tijdens de lessen, maar ook in de media, nauwelijks aandacht is voor de Korea-oorlog. 'Ook veteranen krijgen te weinig aandacht. Dat kan en moet een stuk beter. De zorg voor veteranen is de laatste jaren wel verbeterd, maar dat is niet aan de politiek te danken. Het waren onze eigen mensen die de politiek moreel hebben gedwongen iets te doen', aldus Bluming.
Tags: Korea